Zien Werken V/M
Methode
We combineren een kwantitatieve en een kwalitatieve benadering.
Kwantitatieve analyse
Inhoudsanalyse
Het belangrijkste deel van ons onderzoek is een inhoudsanalyse van een ruime sample van programma’s.
Zoals in elke inhoudsanalyse gingen we als volgt te werk:
- we hebben een codeboek gemaakt met de variabelen die we voor alle programma’s wilden screenen;
- voor alle variabelen hebben we categorieën geformuleerd om eigenschappen (waarden) van de variabelen in te onderscheiden (voorbeeld: geslacht: man / vrouw; setting: zonder gasten en zonder reportage / met gasten / met reportage / met gasten en met reportage);
- we hebben in dat codeboek voor elk item genoteerd wat we precies zagen: kenmerken van personen, van uitspraken, van onderwerpen werden geturfd.
- we hebben die gegevens geanalyseerd in functie van onze centrale onderzoeksvragen.
Een inhoudsanalyse vraagt veel tijd. Het is monnikenwerk. Alle uitzendingen moeten verschillende keren worden bekeken, het verloop van het gesprek moet worden getimed (chronometreren), alle personen die er in voorkomen moeten langs de categorieënlijst van het codeboek worden gelegd, de teksten die worden uitgesproken moeten nauwkeurig worden gescreend (eventueel uitgeschreven), de inhoud van alle interacties moet worden gecodeerd.
Het resultaat is een massa gegevens. Die moeten worden verzameld en hanteerbaar gemaakt voor verder onderzoek.
Als men zover is, kan de eigenlijke analyse beginnen. De onderzoeksvragen werden omgezet in vragen die als het ware aan de data worden gesteld. Bijvoorbeeld: Hoeveel procent van de vrouwen spreken over merites in items die over werkloosheid gaan? Wat is het aandeel items dat uitgebreid aandacht heeft voor gender? Of eenvoudig: Hoe ziet de verhouding man / vrouw er uit in Morgen Beter, in alle programma’s samen, of in Het Nieuws?
Als men de vragen heeft kunnen berekeningen worden gemaakt.
Het resultaat zijn de rapporten die onder Facts & Figures te vinden zijn.
Sample
Onze sample is groot: We screenden ongeveer 177 uur informatieve programma’s, in 3 maal een periode van 7 weken.
We selecteerden daaruit de items die over arbeid handelden. Al die arbeidsitems samen hadden een totale duur van ongeveer 27 uur.
Programma’s
We onderzochten volgende programma’s:
- Het Nieuws - VTM - 19 uur
- Het Journaal - VRT - 19 uur
- Terzake - VRT
- Morgen Beter - VRT
- De Zevende Dag – VRT
- Frontlijn - VRT
- Polspoel en Desmet - VTM
- Recht van Antwoord - VTM
Periodes
We hebben in de jaren 2006 en 2007 drie periodes afgebakend waaruit we onze sample samenstelden:
- sample 1: 13 februari 2006 - 2 april 2006
- sample 2: 23 oktober 2006 - 10 december 2006
- sample 3: 12 februari 2007 - 1 april 2007
De periodes hebben we ad random gekozen in lente en winter. In de zomer hebben we met opzet geen sample getrokken, omdat we het niet nodig vonden te moeten vaststellen dat, als alle aandacht naar vakantie gaat, ze dan niet naar werken gaat.
Het zijn telkens periodes van zeven weken. Wat de actualiteiten- en discussieprogramma’s betreft, maakten we in die periode van zeven weken een diepgaande analyse van alle uitzendingen die over arbeid handelden.
In de twee jaar die ons onderzoek duurde hebben we alle hoger vermelde informatieve programma’s geregistreerd en bekeken. We deden dat (1) om meer feeling met de programma’s te hebben dan enkel door de systematische analyse van onze sample; (2) om de sample te kunnen aanpassen indien een bijzondere omstandigheid daartoe zou uitnodigen. Dit laatste is niet nodig gebleken.
Kunstmatige week voor het nieuws
Van de nieuwsuitzendingen stelden we telkens een kunstmatige week samen: week 1: maandag, week 2: dinsdag en zo verder, om alle dagen van de week te hebben, zonder vast te zitten aan vaste programmagewoontes of uitbarstende actuele kwesties. Van de nieuwsuitzendingen analyseerden we alle onderwerpen over arbeid, en bekeken hoe ze in het geheel van de uitzending ingebed zaten in het andere nieuws.
Codeboek
Het codeboek kan hier worden geraadpleegd.
Variabelen en categorieën
We hebben ons codeboek gebaseerd op:
- eerdere onderzoeken die we deden naar het beeld van vrouwen,
mannen en genderverschillen in de media; - internationale onderzoeken over vrouwen in het nieuws, waaronder
het hoger vermelde GMMP; - centrale parameters uit de literatuur over arbeid.
Alle items, alle actoren, alle optredens van actoren, alle beelden en alle interventies hebben we aan de hand van dat codeboek beoordeeld.
Operationele definities
Om het codeboek te kunnen invullen zijn operationaliseringen nodig, concretiseringen van wat elke categorie en elke waarde betekent binnen dit onderzoek. Die operationele definities laten toe dat het onderzoek in principe door anderen kan herhaald worden. Betrouwbare replicatie is mogelijk. We beschrijven hier de belangrijkste termen. Ook in het codeboek zijn we zo duidelijk mogelijk geweest bij de formulering van de variabelen.
Onze analyse-eenheid is een item: een programma-onderdeel dat aangekondigd en afgekondigd wordt, met een duidelijk begin en einde, handelend over één centraal onderwerp. Alle items die we selecteerden gingen over ‘arbeid’, maar we hebben wel een opdeling gemaakt naar het maatschappelijke terrein waarin die arbeid viel (meestal ‘economie’, maar soms ook ‘cultuur’ of ‘onderwijs’ bijvoorbeeld).
We hebben als arbeid gedefinieerd:
- werken om te voorzien in levensonderhoud; de kost verdienen;
- inspanningen geleverd om de wereld te veranderen, opdat behoeften
beter bevredigd kunnen worden; - zowel dienstverband, zelfstandige arbeid, vrijwilligerswerk als huishoudelijk werk worden in rekening gebracht bij de selectie van onderwerpen die over arbeid gaan;
- alle discussies over de plaats van betaalde arbeid in het dagelijkse
leven of in de levensloop hebben we in onze selectie opgenomen.
We hebben een onderscheid gemaakt tussen
- interne actoren: journalisten die optreden als nieuwsanker, reporter, gespreksleider of presentator in een VRT- of VTM-programma;
- externe actoren: experten, opiniemakers, journalisten van andere media, gasten, getuigen.
Van de actoren hebben we algemene kenmerken genoteerd (actor properties) en kenmerken die specifiek zijn voor een bepaald optreden (appearance properties).
We hebben telkens gecodeerd of volgende connotaties van arbeid aan bod kwamen. Er werd niet genoteerd in welke zin er over gesproken werd, enkel of het aan de orde kwam. We hebben dit soort variabelen ingedeeld in drie groepen: algemene connotaties, visie en connotaties die op het terrein van HRM-liggen:
Algemene connotaties:
- merites : Worden merites behandeld als een belangrijk aspect van de inhoud van het item?
- passie: Wordt passie voor werk (plezier in werk, arbeidsethos) behandeld als een belangrijk aspect van het item?
- noodzaak: Wordt de noodzaak (noodzakelijkheid, economische of psychologische noodzaak, vanzelfsprekendheid van werken) om te werken behandeld als een belangrijk aspect van het item?
- lijden : Wordt de inspanning waarmee het werk gepaard gaat behandeld als een belangrijk aspect van van het item?
- eisen: Wordt het stellen van eisen behandeld als een belangrijk aspect van het item?
Visies:
- gemaaktheid van de wereld: Wordt de gemaaktheid van de wereld (constructie, doen, maken, beslissingen) behandeld als een belangrijk aspect van het item?
- framing : Wordt er in vaste patronen (sjablonen) gesproken in dit item? We gebruiken framing hier dus in een beperkte zin.
- ethische kwesie : Wordt dit item behandeld als een ethische kwestie? Wordt het onderwerp voorgesteld als een moreel vraagstuk?
- toekomst : Staat in dit onderwerp de toekomst centraal?
HRM :
- timemanagement : Wordt timemanagement (tijd, arbeidsduur, overwerk, combinatie arbeid en gezin) behandeld als een belangrijk aspect van de inhoud van het item?
- infrastructuur : Wordt de kwaliteit van de infrastructuur (materiële omstandigheden waarin het werk wordt uitgevoerd) behandeld als een belangrijk aspect van dit item?
- participatie : Wordt participatie (democratisering, inspraak, overleg, samenwerking) behandeld als een belangrijk aspect van de inhoud van het item?
We hebben niet enkel de items gecodeerd wat betreft deze connotaties. We hebben ook voor elk optreden van elke actor beoordeeld of hij/zij iets vermeldde wat betreft deze connotaties.
Zowel de connotaties op het niveau van items, als de connotaties op het niveau van de optredens van actoren, hebben we gecodeerd eerder om onze aandacht te spitsen op deze aspecten van boodschappen over arbeid, dan om kwantitatieve uitspraken over te doen.
Onderzoeksinstrument
Voor ons onderzoek gebruikten wij het software-instrument PAR (Program Analysis and Report). (http://www.moh.be) PAR stelt ons in staat om een codeboek te gebruiken voor ons specifiek onderzoek over beeldvorming van arbeid.
Zo codeerden we - on screen, gebruikmakend van een digitale registratie van het televisieprogramma - elk item, elke actor en elk optreden van de actor; elke interventie timden we en al dat materiaal verzamelden we in een database, om er vervolgens bewerkingen op uit te voeren.
Voorbeeld van item onder analyse in de PAR:
Terzake 21-02-2007 onder analyse in de PAR - Ingrid Pelssers, Vlaams emancipatieambtenaar (opent in nieuw venster)
We zien een screen shot op een ogenblik dat de PAR-venster, waarin de noteringen in het codeboek en de timings gebeuren, op het PC-scherm staat, samen met het item uit Terzake (op DVD) dat onder analyse ligt, op het scherm staat.
We zien de verschillende menu’s om met het instrument te werken. Links is de lijst van actoren te zien die in het item spelen. We zien direct de verhouding tussen mannen en vrouwen: het balkje van de mannen is groen.
In de 3 kolommen naast de namen wordt onmiddelijk weergegeven: aantal interventies, totale spreekduur in dat item, gemiddelde interventieduur.
De blauwe blokjes vormen een grafische weergave van het verloop van het gesprek. Zo zien we bijvoorbeeld dat Ingrid Pelssers 14 interventies deed, in een rustig vraag en antwoord spel met Lieven Verstraete (14 / 14), in totaal 04:01 minuten sprak, en een gemiddelde interventietijd van 17 seconden (uit het onderzoek weten we dat dit lang is).
Eens de bewerkingen uitgevoerd (invoering van de namen van de actoren, timing van het verloop van het gesprek, codering van alle eigenschappen van uitzending, item, actor en optreden), kunnen de resultaten opgevraagd worden en is de rapportage eenvoudig. Voor een voorbeeld van een rapport, klik hier.
De bewerkingen die op het materiaal uitgevoerd worden zijn uiteraard de vertaling van de vraagstelling waarom het onderzoek begon. De analyse is gestuurd door onze vraagstellingen.
Kwalitatieve analyse
We hebben een uitgebreide samenvatting of gedeeltelijke transcriptie gemaakt van alle uitzendingen en naast alle coderingen die we in het kwantitatieve deel deden, hebben we in dit kwalitatieve gedeelte ook heel precies naar de inhoud geluisterd. Dat biedt de gelegenheid om op meer te letten dan wat in categorieën in een codeboek kan uitgedrukt worden.
Bijvoorbeeld: lichaamstaal, beeldvoering, empathie van sprekers onder elkaar, empathie van de gespreksleider met de gasten, kwaliteit van de discussie in haar geheel, kwaliteit van de interventies, dragende gedachten, afgeknepen opmerkingen, le blanc du texte of wat er niet wordt gezegd en polariseringen die in de loop van het gesprek ontstaan.
Het is in principe niet onmogelijk om zulke observatiecategorieën ook in een codeboek te vatten. We willen echter geen oneindige reeks cijfertjes, we willen een uitzending meten en timen, maar ook proeven, beschouwen hoe ze door verschillende kijkers zou kunnen worden geïnterpreteerd, en gissen hoe ze zou kunnen aansluiten bij verschillende referentiekaders.
De opbrengst van deze analyse, gecombineerd met de resultaten van de kwantitatieve analyse, ondersteunt bij het analyseren van voorbeelden of uitzonderingen. We weten wat typisch of uitzonderlijk is, dankzij de combinatie van beide benaderingen.
Beeldanalyse
Naast de tekst letten we ook op het beeld, maar onze grootste aandacht ging naar wat er over werken wordt gezegd in de uitzendingen die onder studie liggen. Het zijn tenslotte vooral discussieprogramma’s.
We hebben afzonderlijk gelet op de illustrerende beelden die bij items worden getoond. Ook de beelden in items die niet over arbeid gaan spreken boekdelen over het werk van mannen en vrouwen.
We hebben onze bevindingen over de vertoonde illustrerende beelden genoteerd in het gedeelte van de PAR dat toelaat commentaren in te voeren. Zo hadden we ze bij reflecties over een item steeds ter beschikking en konden we vergelijkbare beelden gemakkelijk opzoeken.
